“Uit den band der slavernij ontslagen”

In de Rubriek Binnenlandsche Nieuwstijdingen van de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant van 5 juni 1855 stond het volgende bericht:

Slavernij in Nederlands-Indië? Volgens het NiNsee, kenniscentrum van het Nederlands Slavernijverleden, speelde slavernij zich af in Suriname, de Nederlandse Antillen, Aruba en aan de westkust van Afrika. Nederlands-Indië wordt niet genoemd. Vermoedelijk vanwege de schaalgrootte: het relatief geringe aantal slaven daar viel in het niet bij de grote aantallen elders. Op 1 januari 1860, het van regeringswege bepaalde tijdstip waarop de slavernij in Nederlandsch-Indië moest zijn afgeschaft, werden 4739 personen in vrijheid gesteld. Ter vergelijking: in Nederlands westelijke koloniën werden drie jaar later 45.000 slaven vrijgekocht. Vrijgekocht, want per slaaf werd een schadeloosstelling van 300 gulden betaald. Aan de eigenaar wel te verstaan, ter compensatie van de weggevallen arbeidskracht. Overigens was betaling van het bedrag aan schadeloosstellingen in de West slechts mogelijk door de gigantische opbrengsten van het cultuurstelsel* in de Oost. Maar dit terzijde.

Eerder die eeuw
…werd in de Regerings-Almanak van Nederlandsch-Indië van 1817 de oprichting van het “Javaasch Menschlievend Genootschap” bekend gemaakt. Doelstelling was onder andere “mede te werken met de voorstanders voor de afschaffing van den Slavenhandel in andere werelddelen”. Java stond toen korte periode onder Engels bewind en een van de oprichters van het genootschap was de toenmalige gouverneur-generaal Thomas Stamford Raffles. Engeland liep voorop in de bestrijding van slavernij en slavenhandel, wat dus ook in Nederlands-Indië zijn invloed had.

Een paar jaar later, Nederland zwaaide weer de scepter in de Indische Archipel, verscheen in de almanak de publicatie van de gouverneur-generaal “houdende bepalingen omtrent het registreren der slaven”. Registratie diende meerdere doelen: het kon “velerlei misbruiken en verkeerdheden” voorkomen én het vereenvoudigde de heffing van het “hoofdgeld der slaven”, een belasting per slaaf. Stok achter de deur voor de slavenhouders was de bepaling dat de lijfeigenen die niet binnen de gestelde tijd geregistreerd waren, “geëmancipeerd en van den band der slavernij ontslagen” werden verklaard.

Later die eeuw
… verscheen in Literair tijdschrift De Gids, januari 1849, het artikel Over den slavenstand in Nederlandsch Oost-Indië . De anonieme schrijver schetste een bijna knus beeld van huisslaven die slechts licht werk verrichtten, generaties lang bij dezelfde Europese families woonden, goed verzorgd werden en dus een heel zorgeloos leven leidden. Ze waren niet vrij, maar dat was niet erg, want ze wisten niet beter, was zijn betoog. Wel was de schrijver fel gekant tegen zoiets mensonwaardigs als openbare verkoping van slaven. In een venijnig verslag van zo’n verkoping maakte hij zijn misprijzen tastbaar.

Intussen was in 1842 de Nederlandse Maatschappij ter Bevordering van de Afschaffing der Slavernij opgericht. Hierin waren voornamelijk protestanten actief die meenden dat slavernij onverenigbaar was met “voorschriften, geest en strekking van Gods Heilig Woord”. Definitieve doorbraak voor de afschaffingsbeweging kwam met het verschijnen van De Negerhut van Oom Tom van Harriet Beecher-Stowe in 1853.

Berichten over vrijlating van slaven door ondernemers in Nederlandsch Indië verschenen vanaf begin 1853 in de kranten. Een van de ondernemers was Frans George van Gumster uit Semarang, 28 jaar, amper een jaar getrouwd en net vader geworden van zijn eerste kind. Tot vrijlating besloten omdat hij belijdend protestant was? (maart 2011)

* het cultuurstelsel was een belastingsysteem waarbij de inheemse bevolking 20% van hun grond moest bebouwen voor gouvernementsproducten, bestemd voor de Europese markt (http://nl.wikipedia.org/wiki/Cultuurstelsel)

Internetbronnen:
De VOC-site (z.j.), Slavernij en slavenhandel bij de VOC . Geraadpleegd op 7 maart 2011. http://www.vocsite.nl/geschiedenis/slavernij.html
Nationaal instituut Nederlands slavernijverleden en erfenis (z.j.), Nederlands Slavernijverleden. Geraadpleegd op 7 maart 2011. www.ninsee.nl/Nederlands-slavernijverleden
SchoolTV (z.j.) Waarom schafte Nederland de slavernij af? Geraadpleegd op 12 maart 2011. http://www.schooltv.nl/slavernij/bron.jsp?hv=9991&dv=9998&bv=10134
Koninklijke Bibliotheek Historische kranten (z.j.), Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant . Geraadpleegd op 20 juli 2010. http://kranten.kb.nl
Literatuur:
A.
Iets over den slavenstand in Nederlandsch Oost-Indië. (een fragment) in: De Gids. Jrg.13, januari 1849. Digitale Bibliotheek der Nederlandse Letteren. http://www.dbnl.nl
Dalhuisen, L. e.a. Geschiedenis van Indonesië  (Zutphen1998).

Fasseur, C. Indischgasten (Amsterdam 1997).
Regerings-Almanak van Nederlansch-Indië 1815-1942. Regerings-Almanak van Nederlandsch Indië 1817; (idem) 1820  (DVD; Den Haag 2008).

De opdracht was: schrijf een tekst naar aanleiding van een krantenartikel. De in het artikel genoemde F.G. van Gumster is een voorouder van mijn kinderen. 

Advertisements
Dit bericht werd geplaatst in Geschiedenissen. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s